Classical Music Home

Welcome to Naxos Records

 
Keyword Search
 
 Classical Music Home > Naxos Album Reviews

Album Reviews



 
See latest reviews of other albums...

Prix Caecilia, February 2020

KORNGOLD, E.W.: Wunder der Heliane (Das) [Opera] (Deutsche Oper Berlin, 2018) (NTSC) 2.110584-85
KORNGOLD, E.W.: Wunder der Heliane (Das) [Opera] (Deutsche Oper Berlin, 2018) (Blu-ray, HD) NBD0083V

Das Wunder der Heliane is één  groot en zinvol loflied op de kracht van de Liefde. Liefde is geluk, vrijheid, eeuwigheid. Christoph Loy zet dat thema om in een exemplarische regie met het juiste evenwicht tussen intiem theater en exuberante schildering, en dat op de immense scène van de Deutsche Oper in Berlijn. Dirigent Mark Albrecht doet de kleurrijke partituur van Erich Wolfgang Korngold volkomen recht aan. En wat de drie protagonisten daarmee doen, snijdt ons de adem  af. Deze DVD wordt dé referentie voor een opera die in de vergetelheid was geraakt. (Hans Reul)

Das Wunder der Heliane est un grand hymne judicieux sur le pouvoir de l’amour. L’amour est le bonheur, la liberté et l’éternité. Christoph Loy nous présente une mise en scène exemplaire avec le juste équilibre entre jeu intime et grand tableau sur le plateau immense de la Deutsche Oper de Berlin. Marc Albrecht rend justice aux couleurs de la partition d’Erich Wolfgang Korngold. L’investissement des trois protagonistes est à couper le souffle. Ce DVD est une référence d’un opéra longtemps oublié. © 2020 Prix Caecilia



Basia con fuoco, September 2019

“Selig sind die Liebenden. Die der Liebe sind, sind nicht des Todes”. Met die twee zinnen kun je eigenlijk Das Wunder der Heliane samenvatten. Het libretto van Hans Müller-Einigen dat gebaseerd is op het toneelstuk ‘Die Heilige’ van Hans Kaltneker lijkt een beetje bizar, maar je moet het door de ogen van de tijdgeest bekijken. Het mysterieuze, onaardse, buitennatuurlijke, het goddelijke, de uitvergrote emoties, de decadentie en de onverholen erotiek… dat zie je in veel kunstwerken uit die tijd. Ook de opofferingsgezindheid en het motto dat liefde alles overwint: zo niet nu, dan in het hiernamaals.

De jarenlang genegeerde opera’s van Korngold zijn tot mijn grote vreugde met een grote inhaalmanoeuvre bezig (nee, nog steeds niet in Nederland) en de Deutsche Oper Berlin bracht de opera—na negentig jaar negeren—in 2018 op de planken. Marc Albrecht dirigeerde en de regie was in handen van Christof Loy.

De enscenering is typisch Loy: heb je er twee of drie gezien dan heb je ze allemaal gezien. En: nee, ik bedoel het niet negatief. Loy is één van de weinige hedendaagse regisseurs die hun eigen weg gaan zonder het libretto (laat staan de muziek) geweld aandoen. Naar deze voorstelling heb ik met ingehouden adem gekeken. En geluisterd, want de zangers zijn allemaal gewoon onvoorstelbaar goed.

De rol van Heliane, de enige personage in de opera die een naam heeft wordt formidabel gezongen door de Amerikaanse sopraan Sara Jakubiak.

Brian Jagde is een zowat gedroomde Vreemdeling, nog nooit heb ik die rol zo waanzinnig goed gezongen gehoord. Krachtig, maar ook lyrisch en voornamelijk zeer humaan.

Joseph Wagner is een Herrescher uit je ergste nachtmerries, Derek Welton is een ware ontdekking in zijn rol van Der Pförtner en Okka von der Damerau is een uitstekende Botin. Marc Albrecht laat de muziek vloeien, zoals het hoort. Top. © 2019 Basia con fuoco



Paul Korehof
Opus Klassiek, September 2019

KORNGOLD, E.W.: Wunder der Heliane (Das) [Opera] (Deutsche Oper Berlin, 2018) (NTSC) 2.110584-85
KORNGOLD, E.W.: Wunder der Heliane (Das) [Opera] (Deutsche Oper Berlin, 2018) (Blu-ray, HD) NBD0083V

“Een raadsel is voor mij waarom zowel de zevendelige Pipers Enzyklopädie des Musiktheaters als de vierdelige Grove Dictionary of Opera totaal geen aandacht besteedt aan Das Wunder der Heliane . Niet alleen betreft het hier het laatste, meest complexe werk van een belangrijke Duitse componist uit de eerste helft van de vorige eeuw, maar het is ook een werk dat muzikaal en inhoudelijk nauwelijks onderdoet voor Strauss’ Die Frau ohne Schatten, en dat thematisch sterk verwant is aan Krol Roger van Szymanowsky.”

Aldus opende ik in maart van dit jaar mijn bespreking van een opmerkelijke cd-versie van Naxos op basis van een concertante uitvoering in Freiburg. Na een opname uit 1992 in de reeks ‘Entartete Musik’ was dat de tweede commerciële uitgave van Korngold’s vierde en laatste opera, en tot mijn verrassing volgde kort daarop bij hetzelfde label de dvd-versie van een uitvoering in de Deutsche Oper Berlin. Zijn we echt toe aan een herwaardering van dit werk? Wel jammer dat deze productie van regisseur Christoph Loy en dirigent Marc Albrecht, een bekende ‘Amsterdamse’ combinatie, wel in Berlijn te zien was en niet bij DNO!

Het verhaal, naar het mysteriespel Die Heilige uit 1917 van de Oostenrijkse auteur Hans Kaltneker (1895-1919), is een middeleeuws aandoend symbolistisch en semi-religieus gegeven zoals dat korte tijd populair was in de periode van het expressionisme. In de bewerking van librettist Hans-Müller Einigen is de ‘heilige’ uit de titel geconcretiseerd tot de titelheldin Heliane, terwijl al haar tegenspelers schuilgaan achter anonieme aanduidingen als ‘de heerser’, ‘de vreemde’ en ‘de bode’.

Ook Heliane wordt echter geen karakter met een verleden. We ontmoeten haar slechts op een cruciaal en complex moment, maar waarom zij ‘de heerser’ als haar echtgenoot afwijst, wordt evenmin toegelicht als de oorsprong van de wonderkracht die haar wordt toegekend. Ook de achtergrond van haar echtgenoot en van de vreemdeling die hun wereld doet wankelen, blijft onduidelijk. De boodschap is dat alleen liefde in het leven belangrijk is, en dat past in een legende waarin eerst de dode vreemdeling en vervolgens ook de door de heerser vermoorde Heliane aan het slot weer tot leven komt. Dat zij daarna samen ten hemel varen, is niet ‘irreëel’, het is na dat alles alleen maar logisch!

Knap is dat ondertussen de personages in de tekst en in de muziek, uitgroeien tot levensechte mensen. Dat wordt nog benadrukt door de enscenering van Loy die ondanks het strakke, moderne toneelbeeld en de eigentijdse kostuums toch tijdloos overkomt. Waar en wanneer het verhaal zich afspeelt, is even onbelangrijk als het feit dat in onze realiteit mensen niet uit de dood opstaan en ten hemel stijgen. In een ongedefinieerde ruimte, een zaal met grote ramen links en rechts, wordt het verhaal verteld als een reeks confrontaties van karakters. Ieder woord en iedere handeling wordt daarbij geloofwaardig binnen de eigen wetten van het drama.

Met de eisen van logica en realiteit heeft dat alles niets te maken en Loy doet geen enkele poging er een realistische draai aan te geven. Het slot van Das Wunder der Heliane is even ‘onmogelijk’ als het feit dat Roodkapje en haar grootmoeder levend uit de buik van de wolf komen; het verhaal schrijft het zo voor en dus gebeurt het ook zo. Wie fictie met realiteit verwart, hoort in het theater niet thuis, en dat geldt ook voor regisseurs die een ‘onlogisch’ drama aanvaardbaar willen maken met een ‘realistische’ enscenering. Loy neemt zowel het drama als de karakters serieus, maart bewijst tegelijk dat daarvoor geen ‘historische enscenering’ nodig is. Integendeel: de ‘romantiek’ van mooie plaatjes kan zelfs afleiden van de essentie.

Evenals in Arabella en Tannhäuser bij DNO wordt Loy met grote toewijding terzijde gestaan door Marc Albrecht, een toegewijd specialist voor het repertoire uit de eerste helft van de vorige eeuw. Met koor en orkest van de DOB maakt hij dat ook hier weer waar in een vertolking die frappeert door klankrijkdom en gevoel voor een periode die op de drempel van de atonaliteit een boeiend geheel van kleuren en wendingen kon opleveren. Bovendien weet hij met spanningsbogen te compenseren dat Korngold niet altijd slaagde in het effectief opbouwen van een dramatische climax.

Centraal op het toneel staat de titelrol van Sara Jakubiak, een jonge Amerikaanse sopraan van Pools-Duitse afkomst die de afgelopen jaren diverse successen boekte in vooral het Duitse repertoire, van Wagner’s Eva tot Marietta in Die tote Stadt van Korngold. Haar stem kleurt daarbij in alle regionen, zij frappeert door een tekstbehandeling die doet uitzien naar rollen als Ariadne en de Marschallin, maar haar sterkste punt lijkt toch haar gevoel voor drama. Vanaf haar eerste opkomst bouwt zij haar rol zorgvuldig op, voor iedere scène weet zij behalve de juiste vocale houding ook de juiste intensiteit te vinden en daarnaast lijkt zij heilig te geloven in haar personage, tot en met de gevaarlijke Godiva-scène aan het slot van het eerste bedrijf.

Als ‘de vreemde’, een rol met een bijna mystiek karakter dat—niet alleen vanwege de naamloze symboliek—associaties oproept met ‘De herder’ in Krol Roger, horen we de Amerikaan Brian Jagde. Evenals onlangs bij DNO (Cavalleria rusticana) ontplooit hij een gezond tenoraal timbre waarmee hij voorbestemd lijkt voor zowel het lyrische als het meer dramatische repertoire, maar ook hier laat hij zich soms verleiden tot iets te veel vocale kracht. Vooral in zijn eerste confrontatie met Heliane boet zijn stem daardoor aan expressie in, waardoor zijn vertolking vlakker wordt dan voor deze emotionele scène wenselijk is.

Het probleem is wellicht dat het Jagde ontbreekt aan de specifieke vocalistiek van een liedzanger. Soms heb ik ook het gevoel dat hij het Duits vooral fonetisch zingt, zonder echt begrip van de (diepere) betekenis van de woorden, onder meer op de momenten waarop een conversatietoon overheerst en hij de neiging krijgt zijn stemklank op de laatste lettergreep van een frase terug te nemen. Op meer dramatische momenten voelt hij zich muzikaal echter als een vis in het water en lijkt zijn zang een grote belofte voor de toekomst.

Als personage stel ik mij een heerser voor met meer uitstraling van onverbiddelijke autoriteit, op het wrede af, maar vocaal overtuigt de bas-bariton Josef Wagner ten volle. Gaandeweg wordt ook voelbaar hoe hij zozeer gebukt gaat onder zijn eigen desillusie en zijn emotionele onmacht, dat zijn aanval op Heliane in het derde bedrijf meer een wanhoopsdaad dan een aanval van jaloezie wordt. Sterke rollen zijn er eveneens van de bas-bariton Derek Welton als ‘de portier’ en de tenor Burkhard Ulrich als ‘de blinde scherprechter’.

Een absolute verrassing is de markante vertolking van de mezzosopraan Okka von der Damerau. Meer dan alleen maar een ‘bode’ is zij de vroegere minnares van de heerser, maar hun uitzichtloze verhouding heeft haar kennelijk dusdanig verbitterd, dat zij iedere vorm van liefde alleen nog maar meedogenloos wil bestrijden. Het fanatisme waarmee zij het koor daartoe opzweept, is bijna huiveringwekkend.

Het begeleidende dvd-boekje straalt de van Naxos bekende soberheid uit, maar zowel de introductie van Korngold-kenner Brendan Carroll als de synopsis van Christoph Loy is het lezen alleszins waard. Ik zag de opname via de in beeld en geluid uitmuntende Blu-ray Disc, maar bij alle technische perfectie is het leuk dat er ook nog even wordt stilgestaan bij het verleden. Als bonus bevat deze uitgave een fraai verdoekte opname van Odeon uit 1928 met het intermezzo voor het derde bedrijf, uitgevoerd door het Gro ß es Symphonie Orchester Berlin onder leiding van de in 1984 in Amsterdam overleden Duitse dirigent Frieder Weissmann. © 2019 Opus Klassiek



Musicalifeiten, July 2019

Opera in 3 aktes op een libretto van Hans Müller-Einigen naar ‘Die Heilige van Hans Kaltneker uit 1927 werd door de componist zelf ‘zijn meesterwerk’ genoemd. In het centrum van deze pakkende driehoeksrelatie tussen liefde, haat en het wachten op verlossing staan een hoogst ongelukkige vrouw (Héliane), haar ijskoude, tirannieke en niet tot get geven van liefde in staat en bereid zijnde koninklijke echtgenoot ‘de heerser’ en een dionysische ‘vreemdeling’.

De muziek die Korngold daarbij schreef bezweert op haast pathetische en hoogst expressieve wijze duidelijk het sprookjesachtige en tijdeloze mysterie over de kracht van de liefde met heel kleurige romantische muziek. Geen wonder dat het werk in 1934 tot ‘entartete Musik’ werd verklaard.

De hoofdrollen zijn voortreffelijk bezet met internationaal nog niet zo bekende solisten, maar ook aan de kleinere rollen worden zware eisen gesteld. Dan blijkt Josef Wagner een verontruste, maar ook furieuze koning, Okka von der Damerau een duidelijke boodschapster van de koning, Burkhard Ulrich een faire blinde rechter en Derek Wetton een bewaker die niet van deze wereld is.

Regisseur Christof Loy houdt het werk toneelmatig vrij sober, maar weet toch de dramatische hoogtepunten goed naar voren te brengen en Marc Albrecht toont in zijn muzikale leiding de gewenste flair.

Geen wonder dat de Duitse pers unaniem vol lof was. Daar kunnen we ons makkelijk achteraf na deze opname een paar keer te hebben gezien en gehoord van harte bij aansluiten.

Luister maar naar de Prelude waarmee het werk met exotische harmonieën begint en het laat u niet meer los.

Op cd is waarschijnlijk de uitvoering van John Mauceri nog steeds de beste (Decca 475.827-2), gevolgd door Fabrice Bollon (Naxos 8.660410/2). © 2019 Musicalifeiten





Naxos Records, a member of the Naxos Music Group